François Simon


François Simon
Geboren
Geboorteplaats
Overleden
Overlijdensplaats
Werkzaam van:
Werkzaam tot:

François Simon (Bassigny, Lotharingen, ca. 1590 - na 1648) werkt samen met zijn broers en andere gieters uit Lotharingen.

Leven

Vooral in de eerste helft van de zeventiende eeuw werkten hier, permanent of tijdelijk, verschillende klokkengieters die uit Lotharingen afkomstig waren. Omdat ze onderling sterke banden onderhielden, bijvoorbeeld met wisselende compagnons, is een gezamenlijke behandeling voor de hand liggend. Wij beperken ons overigens tot de klokken die zij in Nederland hebben gegoten. In 1615 goten de gebroeders Jean, François en Thomas Simon gezamenlijk een klok. De familie Simon kende vele gieters in Lotharingen. Maar dat was ook de enige keer dat zij met zijn drieën werkten. Zonder Thomas werkten Jean en François in datzelfde jaar samen bij de levering van een tweetal kleine beiaarden. Van Thomas Simon vernemen wij verder niets; van François echter des te meer. In de jaren 1620-1524 werkte hij samen met André Obertin. Ook hij was van Lotharingen afkomstig waar zijn familienaam als Aubertin werd gespeld. En wederom zijn aldaar weer vele verwanten te vinden zonder de relatie precies te kennen. In 1629 zien wij dat aan genoemd tweetal een zekere Nicolas Royeir werd toegevoegd. Maar keren wij terug naar François Simon. Van hem vinden wij in ons land de meeste klokken en wel over een periode van 1622-1644 waarvan in 1630 en 1635 een tweetal beiaarden. Maar de kwaliteit van die spellen is belabberd. Dikwijls signeerde hij met MFS dat staat voor Maître François Simon. Ouder geworden weekte hij in 1648 en 1649 samen met Jean Paris die ook al meerdere familieleden als klokkengieters in Lotharingen kende. Maar in de jaren 1637-1662 zou Jean Paris ook alleen werken.

Samenwerkingsverbanden

Broers Jean Simon en Thomas Simon

André Aubertin

Jean Paris

Nicolas Rogier

Werk

Klokken in Nederland

Bestaande klokken


KlokkenWiki ID Jaar Locatie Naam Diameter [cm.] Gewicht [kg.] OorlogRegistratienummer

Klok 3401 1622 85 360,0 4-B-42P
Klok 1498 1623 95 500,0 2-C-202P
Klok 1203 1624 99 600,0 2-C-199P
Klok 1070 1626 74 235,0 2-A-77P
Klok 9397 1628 120 880,0 6-C-289P
Klok 1523 1629 124 1143,0 2-C-178P
Klok 44 1633 82 332,0 8-C-7P
Klok 12503 1635 57 103,0 9-B-15P
Klok 2054 1637 111 900,0 3-A-137
Klok 1429 1637 75 240,0 2-C-197P
Klok 549 1638 91 477,0 8-A-89
Klok 554 1638 51 87,0 8-A-91
Klok 712 1639 135 1460,0 1-C-6P
Klok 2689 1644 132 1443,0 3-C-157P
Klok 3757 1644 65
Klok 11154 1655 152 2400,0 11-M-38
Klok 556 1695 59 121,0 8-A-90

Verloren klokken of met onbekende status


KlokkenWiki ID Jaar Locatie Naam Diameter [cm.] Gewicht [kg.] OorlogRegistratienummer

Klok 3264 1620 105 598,0 4-A-37P
Klok 3098 1622 101 620,0 4-C-29P
Klok 1183 1623 115 860,0 2-C-183P
Klok 1534 1624 85 370,0 2-A-26P
Klok 12157 1629 121 1103,0 7-C-138P
Klok 240 1633 130 1315,0 8-C-28P
Klok 2617 1635 125 1360,0 3-C-177P
Klok 557 1638 51 87,0 8-A-91
Klok 2731 1639
Klok 2477 1643 136 1540,0 3-C-155P
Klok 9346 1648 75 285,0 6-C-13P
Klok 11520 1649 100 698,0 11-C-229P
Klok 2920 1730 108 930,0 3-C-237P
Klok 766 1731 109 704,0 1-A-9P
Klok 8129 1731 98 550,0 6-C-35P
Klok 8499 1731 118 870,0 6-C-113P
Klok 2101 1732 69 250,0 3-A-77P


Literatuur

  • André Lehr, Van paardebel tot speelklok. De geschiedenis van de klokgietkunst in de Lage Landen, Zaltbommel, 1971, 2de druk 1981, p.167.
  • Henry Ronot, Dictionnaire des fondeurs de cloches du Bassigny, Dijon, 2001.